Team DutchSail wil presteren
in het Women’s International Championship én een duidelijk pad creeëren voor vrouwelijk talent in Nederland
De Nederlandse selectie voor het Women’s International Championship is rond. Uit meer dan vijftig aanmeldingen is een team geselecteerd van tien vrouwen die gaan deelnemen aan deze nieuwe prestigieuze zeilwedstrijd in Newport. Onder de vlag van DutchSail streven ze naar een top 5-positie. Initiatiefnemers Laura van Veen en Saar van Bemmel nemen ons mee in het selectieproces.
Het begon in juli vorig jaar, Saar zag de aankondiging van deze regatta voorbij komen bij de New York Yacht Club. “Ik heb toen direct Laura benaderd. We hebben DutchSail er vervolgens bij gevraagd om ons te helpen en zo zijn we samen gaan kijken of we een team in Nederland konden opzetten.”
Het zegt veel over de drive van deze dames. Beide hebben ze bij ROST (Rotterdam Offshore Sailing Team) gezeild. Voor Saar eindigde dat project na drie jaar, met de Admiral’s Cup vorig jaar als hoogtepunt. Ze dacht daarom al na over een volgend project toen dit op haar pad kwam. Voor hen beiden was DutchSail een logische partner om te benaderen.
“Zij hebben ervaring met de organisatie van een team en alles wat daarbij komt kijken. Daarnaast is het een Invitational Cup (je moet als land worden uitgenodigd, red.), en met DutchSail sta je gewoon wel wat sterker. Zij hebben al meegedaan aan de Youth en Women’s America’s Cup.”
Laura vult aan: “Er zijn verschillende opleidingstrajecten in Nederland die zich focussen op grote boten en oceaanzeilen. DutchSail is het enige platform dat zeilers ondersteunt in de ontwikkeling van het zeilen, los van een Olympische campagne. De insteek van dit project is geen opleidingstraject, zo zijn we ook de selecties ingegaan. We verwachten niet dat we de zeilsters nog moeten leren samenwerken op een grotere boot. Iedereen moet vertrouwen hebben in de positie waar zij uiteindelijk komt te staan. Van daaruit kunnen we samen gaan bouwen aan hoe de communicatielijnen lopen, hoe de boothandeling gaat en zo relatief snel de stap naar performance kunnen maken.”
De selecties
Het doel van Saar, Laura en DutchSail was voorafgaand aan het selectieproces dus duidelijk. In september werd de oproep voor vrouwelijke zeilsters geplaatst. Maar liefst vijftig reacties kwamen binnen, daaruit blijkt dat er veel potentie in Nederland zit voor dit soort teams en wedstrijden. Het uiteindelijke team kon maar uit maximaal tien zeilsters bestaan, dus er moest geselecteerd worden. “We zijn door alle CV’s heen gegaan en we hebben iedereen ook een aantal vragen gesteld met criteria die wij belangrijk vinden voor het team. Daar hebben we een eerste selectie gemaakt, waarna ongeveer de helft overbleef. Deze groep hebben we uitgenodigd voor gesprekken en uiteindelijk hielden we een groep over waarmee we daadwerkelijk het water op gingen.”
Tijdens alle selectiefasen hebben ze gelet op wedstrijdervaring, positie aan boord en de achtergrond van de zeilsters. Laura: “Maar we vonden het ook heel belangrijk om te zien hoe je in een groep valt, hoe de dynamiek is, hoe je communiceert en welke skillset je meebrengt aan boord. Je haalt heel veel uit zo’n dag op het water, je stapt aan boord van een boot die je misschien nog niet kent en mensen die je niet kent. Hoe pak je dan feedback op? En hoe communiceer je met elkaar?”
In het hele selectieproces hadden ze veel steun aan DutchSail. “Zeker omdat we zoveel aanmeldingen binnen kregen, moest er uiteindelijk meer structuur in het proces komen dan we in eerste instantie hadden verwacht. Daar heeft DutchSail ons goed in ondersteund, zij gaven ook aan wat zij belangrijk vonden. Het team weerspiegelt zich natuurlijk ook op hen. Maar de uiteindelijke beslissing wie we wilden selecteren voor het team, die lag wel bij ons. Wij gaan natuurlijk ook met ze varen.”
Het hele selectieproces was niet makkelijk, concluderen de dames nu. “Je krijgt vijftig enthousiaste aanmeldingen, daar moet je een groot aantal van teleurstellen”, zegt Laura. “En je draagt wel een verantwoordelijkheid met je mee, ook omdat het vrij breed is gelanceerd in Nederland. Dat is heel tof, want dat geeft het project zichtbaarheid, maar het maakt het ook lastiger omdat er zoveel meiden zijn die daar onderdeel van willen zijn.”

De voorbereiding
Uiteindelijk zijn er tien zeilsters en een reserve overgebleven die nu gaan trainen voor het Women’s International Championship in september. “In april willen we onze eerste trainingsdag op het water hebben”, blikt Saar vooruit. “Daarvoor komen we nog een keer samen om technische kennis aan elkaar over te dragen. Gedurende het seizoen hebben we een aantal trainingsblokken neergezet. Daarin zijn we wel afhankelijk van sponsoring en de beschikbaarheid van boten. Het eerste doel is om het team echt een team te maken, dus de boothandeling goed op orde te krijgen, de communicatielijnen op elkaar af te stemmen, gewoon te zorgen dat we goed op elkaar ingespeeld raken.”
Het Women’s International Championship wordt gevaren in IC37’s, daar ligt er in Nederland geen een van. Saar: “We kijken daarom ook naar soortgelijke boten zoals een J109, waar we met zijn tienen op kunnen varen. En het liefst eentje met een helmstok, dan zijn er niet veel opties die overblijven.”
“In Engeland en Zweden ligt een IC37; daar hebben we connecties en kunnen we waarschijnlijk een boot huren,” gaat Laura door. “Maar de eerste focus is dat de boothandeling en de communicatielijnen goed lopen. Dat kun je op elke boot trainen, dan maakt het niet uit hoe snel of traag die gaat. Zolang iedereen haar plekje maar kent en weet wie wat doet tijdens de verschillende manoeuvres.”
“Er is veel documentatie beschikbaar over de IC37, videomateriaal van eerdere regatta’s en trimguides. We kunnen die kennis meteen induiken, en hopelijk kunnen we komende zomer dan gaan trainen op één van die Europese IC37’s. Maar dat is ook echt afhankelijk van het budget.”

Het team reist in september af naar Newport, hier krijgen ze voor de start van de regatta ook nog een aantal dagen om te trainen op de boot. Laura: “Dan hebben we drie à vier dagen om de boot een beetje eigen te maken. Dat is een relatief korte tijd, maar er zijn veel andere teams die in een vergelijkbare situatie zitten. Ik denk dat ons team best sterk is, juist door de diverse achtergronden: meiden met veel matchrace-ervaring, zeilsters met een olympische achtergrond en oceaanzeilsters.”
Van de andere teams is, vooralsnog, niet veel bekend. Het lijkt erop dat het Nederlandse team wat dat betreft voorop loopt in de teamselectie. “We weten inderdaad de namen van de verschillende schippers, maar ik denk dat het een goed idee is om eens een concurrentie verkenning te gaan doen”, zegt Saar. “Om eens te kijken hoe het veld is waar we straks tegen gaan varen, wat de achtergrond is van de verschillende zeilers en welke skills ze aan boord hebben.”

Meer mogelijkheden voor zeiltalent
De dames hopen dat er door dit soort initiatieven meer mogelijkheden komen voor vrouwen in de zeilsport. “Het is eigenlijk best schrijnend om te zien dat er zoveel jonge vrouwen, maar ook mannen trouwens, zijn die wel graag willen zeilen op grote boten, maar ze de weg erheen niet goed weten te vinden”, zegt Laura. “Er is wel een hele brede opleiding in Nederland voor de jeugd, iedere vereniging heeft kleine bootjes liggen. Dat is waar je vaak begint, bij de vereniging en dan groei je verder. Vanuit het Watersportverbond wordt hier ook goed over nagedacht, alleen ligt de focus op de olympische klassen. En dan zie je dat de jeugd ook vaak afhaakt op het moment dat ze gaan studeren, dan hebben ze nu eenmaal de tijd niet meer om zoveel te zeilen. Ik heb zelf ook op zo’n punt gestaan en me afgevraagd of ik nog wel de commitment aan het zeilen kon geven en of ik dat ook nog wel wilde. De doorstroom van zeilers die uiteindelijk naar de Olympische Spelen gaat is heel klein, de rest moet dan de afweging maken of ze nog wel uren in de sport willen stoppen om hun doel te behalen, of om zich toch op andere dingen in het leven te focussen.”
Wat voor Laura een eyeopener was tijdens het proces, is hoeveel dames er in Nederland zijn die heel graag op hoog niveau willen zeilen. “Niet alleen dames, er zijn in Nederland denk ik heel veel zeilers die wel willen zeilen, maar gewoon niet weten waar ze moeten beginnen en waar ze kunnen instappen. De zeilsters die niet zijn geselecteerd, hebben nu wel de connectie met DutchSail en de DutchSail Zeilers Community. We zijn hier ook wel heel transparant over geweest, als iemand niet werd geselecteerd, konden we wel een andere route voor haar adviseren.”
Saar vult daar nog op aan: “We hebben nu met eigen ogen gezien dat er een hele groep mensen is die wel graag wil zeilen op hoog niveau. Het aantal opleidingstrajecten in Nederland is heel erg minimaal, maar er zijn echt nog wel meer opties om te kunnen varen. Dat hebben we in het selectieproces ook wel aan die meiden meegegeven, er zijn genoeg teams in Nederland die bemanning zoeken en waar je op kunt stappen.”
“Ik denk dat het ook echt heel tof is dat er nu een internationaal evenement wordt georganiseerd op one-designboten, waar vrouwen van over de hele wereld naar afreizen om de competitie met elkaar aan te gaan”, zegt Laura. “Dat we nu zover zijn in de ontwikkeling van meer dames op grotere boten dat dit evenement kan plaatsvinden, vind ik een krachtig statement.”


Het team
Laura van Veen
Annette Duetz
Anna Houtzager
Saar van Bemmel
Laila van der Meer
Sanne Akkerman
Ismene Usman
Laurien Waller
Susan Huizer
Feline Vreeburg
Annabelle Westerhof – reserve

Volg Laura via: @lauralouisev
Volg Saar via: @saarvanbemmel
Lees het artikel in het hele Zeilwereld magazine 2026-3
Foto's
Auteur
Anke Haadsma
Als Anke op een boot zit, wil ze het liefst zo hard mogelijk varen. Een echte (amateur) wedstrijdzeiler dus, ze vaart zowel op zee als op de Nederlandse plassen. In het dagelijks leven is ze watersportjournalist en staat ze op de steiger om verhalen van andere zeilers op te schrijven. Anke heeft als doel het wedstrijdzeilen prominenter in de landelijke media te krijgen. Met Zeilwereld als haar grote visitekaartje.




