Jonge zeilster kan nu ook dromen van de Olympische Spelen
Als enige Nederlandse meisje ging Maud van Rooij (15) naar het Wereldkampioenschap Optimist in Argentinië van 5 tot en met 15 december 2024. Volgend jaar stapt ze over op de ILCA4. Haar ultime droom is om ooit op de Olympische Spelen te verschijnen in de snellere 49erFX-klasse, net als haar grote voorbeelden Odile van Aanholt en Annette Duetz.

“Het zou logischer zijn als ik nu in de 29er stap”, vertelt Maud. “Ik heb toch voor de ILCA gekozen omdat je in de 29er wel een goede zeilmaat moet vinden. Er zijn genoeg zeilers te vinden die ook naar de 29er willen hoor, maar niet al die zeilers denken op dezelfde manier als ik na over een toekomst in het zeilen. In de ILCA kom je zeilers tegen die allemaal graag willen voor henzelf, dat is een hele competitieve klasse. Daar wil ik nu ook eerst goed in leren zeilen. Zo heeft Odile het ook gedaan, zij heeft eerst in de ILCA (toen nog Laser, red.) gevaren voor ze naar de 49erFX overstapte.”
Voor de jonge zeilster staat haar halve leven al in het teken van zeilen. Via haar oppas kwam ze in aanraking met de sport. “Zij ging training geven op een zomerkamp van de Rotterdamsche Zeilvereeniging en vroeg aan mij of ik mee wilde. Na die eerste keer wist ik direct al dat ik vaker wilde zeilen. Op de Koninklijke Roei- en Zeilvereeniging De Maas ben ik vervolgens lessen gaan volgen. Al snel ging ik meedoen met de combiwedstrijden. Dat wilde ik graag meer doen, vanaf dat moment ben ik dan ook ieder weekend gaan trainen op wedstrijdniveau.”
School en zeilen combineren
Dat het behoorlijk wat tijd vraagt om op hoog niveau mee te varen, dat blijkt wel uit het verhaal van Maud. Ze zit op het Gymnasium, en wil hierna iets met geneeskunde gaan doen. Daarnaast traint ze van maart tot en met november ieder weekend in de boot. In de wintermaanden, wanneer het in Nederland te koud is om hele dagen op het water te zijn voor trainingen, vliegt ze naar Spanje voor trainingskampen. “Voor die trainingskampen krijg ik vrij van school. We gaan ongeveer zeven keer per jaar een volle week naar Spanje. Mijn klasgenoten vonden het aan het begin best moeilijk om te begrijpen dat ik zoveel tijd aan zeilen spendeer. Ik heb één andere klasgenoot die zeilt, de rest van de kinderen weet waarschijnlijk net hoe mijn boot eruitziet.”
“Door die trainingskampen mis ik natuurlijk ook veel school. Ik denk ook dat ik het veel minder goed op school zou doen als ik niet zou zeilen. Ik moet veel in mijn vrije tijd inhalen. Als ik niet aan het zeilen ben, dan ben ik aan het leren. Haal ik school niet, dan kan ik ook niet verder met zeilen. Ik heb dus een heel duidelijk doel, waardoor het makkelijker is om met school bezig te zijn.”
Wie: Maud van Rooij
Leeftijd: 15 jaar
Vereniging: KR&ZV de Maas
Klasse: ILCA4
Beste prestatie: Kwalificatie WK Optimist 2024
Droom: Olympische Spelen

Verschil jongens en meisjes nog steeds merkbaar
Met de olympische kampioenen in de 49erFX als rolmodel kan Maud zich een realistisch doel stellen, een doel dat veel vrouwen voor haar niet eens durfden te stellen. Dat betekent overigens niet dat Maud niets meer merkt van de verschillen tussen jongens en meisjes in de sport.
Maud: “Als je kijkt naar de IODA (Internationale Optimist Dinghy Association, red.), dat is de internationale klasseorganisatie van de Optimist, zie je dat ze er wel mee bezig zijn om jongens en meisjes gelijk te trekken. Zo is het Europees Kampioenschap de enige wedstrijd in de Optimist waar een aparte meisjesbaan is. Als je dat in Nederland gaat doen, dan krijg je een heel klein meisjesveld. Wij moeten dus wel gemixt varen om het competitief te houden.”
Er zijn dus gewoon nog steeds minder meisjes in de sport, al lijkt er wel een stijgende trend in te zien. Afgelopen seizoen waren er 36 meisjes en 64 jongens, dus het scheelt nog maar 14 op de 100. Het niveau van de meisjes is daarbij ook nog lager. Kijk bijvoorbeeld naar het feit dat Maud als enige meisje, naast vier jongens in het WK team zat. “De optimistklasse is inmiddels wel een van de weinige klassen die nog gemixt varen. Het is ook niet erg om in een gemixt veld te varen, wij als meisjes leren er namelijk heel veel van. Jongens varen vaak wat agressiever en laten zichzelf veel meer horen in de boot. Als je dan op een EK in een apart meisjesveld vaart merk je dat het heel rustig is. Ik denk dat jongens ook wel weer van meisjes leren in zo’n gemixt veld, je ziet dan hoe het ook kan.”


Nieuwe ervaringen opdoen op weg naar de Spelen
Na het WK gaat Maud haar opgedane kennis vanuit de Optimist, waar ze haar halve leven in heeft gevaren, gebruiken in de ILCA4. “Het is vast wel even gek dat ik straks
nooit meer in een Optimist zal varen. Ik heb er veel zin in om naar een nieuwe klasse te gaan, maar het is ook wel spannend. In de Optimist heb ik wel mijn WK-droom waar kunnen maken. Vorig jaar was het nét niet gelukt. Wel ging ik toen naar het EK en daar was ik ook al heel blij mee. Dit jaar heb ik echt hard gewerkt om naar het WK te gaan en dat heeft iedereen om me heen ook gezien denk ik. Iedereen was dus ook heel blij voor mij.”
Dat Maud zich heeft bewezen is duidelijk, nu ze overstapt naar de ILCA4 komt ze ook direct in de NTT van het Watersportverbond. Van daaruit kan ze verder werken aan haar grote droom, de Olympische Spelen. En dan uiteindelijk wel het liefst in de 49erFX klasse, net als haar rolmodellen.
“Maar ik denk dat dat toch het ultieme doel is van iedere serieuze sporter?” De weg is inmiddels inderdaad wel zover vrijgemaakt dat iedere jonge sporter, jongen én meisje, kan dromen over de Olympische Spelen. Als je het serieus oppakt, en er net als Maud hard voor werkt, dan kun je dit ook nog als reëel doel gaan stellen!
NTT
De NTT staat voor Nationale Training Teams. Zeilers en windsurfers (m/v) met een belofte-status trainen binnen dit team onder leiding van de klassenorganisaties van het Watersportverbond Talentplan. De best presterende zeilers worden via selectiewedstrijden en wildcards geselecteerd en uitgenodigd om deel uit te maken van de NTT. De coaches werken een centraal trainingsprogramma af en doen mee aan nationale- en internationale wedstrijden. De zeilers kunnen vaak doordeweeks ook doortrainen via een regionaal programma bij verenigingen. Dit zorgt er ook voor dat ze het trainingsprogramma kunnen combineren met school/studie.
Lees het artikel in het hele Zeilwereld magazine 2024-3
Foto's
Auteur
Anke Haadsma
Anke Haadsma heeft heel weinig met het toerzeilen, zij vaart het liefst om de boeien in haar Laser of bindt de zeilstrijd aan in grotere boten. Althans, als ze niet aan het werk is om wedstrijden te organiseren. Op Zeilwereld wil ze vooral verhalen brengen over het wedstrijdzeilen.




